Spreken02-Random

Welcome to your Spreken02-Random

Rachel zingt vaak alleen. Soms zingt ze ook...

Liam kan niet goed zien. Hij moet...

Carlos gaat vroeg slapen. Hij is...

Dunya gaat naar een feest. Het feest is van haar...

Inez gaat naar een concert. Ze gaat...

Tim is jarig. Zijn zus geeft hem een...

Karim heeft pijn in zijn rug. Hij moet...

Lily gaat elke dinsdag sporten. Ze eet daarna altijd...

Mag ik jouw brommer lenen? Mijn brommer is...

Alice werkt in een ziekenhuis. Zij is daar...

Rhonda is haar sleutel kwijt. Nu moet ze...

Jacques is leraar. Hij geeft...

Kwasi is chauffeur. Hij rijdt...

Johnny is vrij op zaterdag. Hij gaat...

Felipe houdt van lezen. Hij koopt elke maand...

Lea eet graag in een restaurant. Ze vindt dat...

Tess eet veel fruit. Fruit is...

Het vliegveld is ver weg. We gaan naar het vliegveld met...

Thomas ligt in het ziekenhuis. Hij vindt dat...

Ismet heeft groenten in zijn tuin. Hij gaat de groenten...

Stefan belt met zijn zus. Zijn zus is...

Nina speelt in de tuin. Ze speelt met...

Michelle kijkt vaak films. Ze houdt van films over...

Pedro doet de lamp aan. Het is...

Emma schrijft alles op. Daarna gaat ze...

Ik eet nooit druiven. Ik vind druiven...

Mijn vader luistert graag naar het nieuws. Hij luistert ook naar...

Kevin eet een salade met paprika. In de salade zit ook...

Emma doet een opleiding. Dat is...

Het regent onderweg. Marta wil...

Dany heeft hoofdpijn. Ze wil...

De dokter praat met Sofia. De dokter geeft Sofia...

Paul gaat vroeg naar bed. Hij moet morgen...

Louis gebruikt de computer. Hij wil...

Arnold is schoonmaker. Hij werkt in...

Ming rijdt vaak op zijn scooter. Hij wil niet...

Sarina reist met de bus. Zij gaat naar…

Roy wil zijn vriend spreken. Hij gaat...

Berat geeft les. Hij vertelt over...

Maya doet de gordijnen dicht. Ze gaat...

Ons dak is kapot. Wij moeten...

Mo zit aan tafel. Hij schrijft een brief aan zijn...

Het is stil in de klas. De leerlingen...

De klas is leeg. Iedereen is...

Kenji rookt al twintig jaar sigaretten. Dat is...

Naima wil kapper worden. Ze leert...

Priya doet een opleiding. Later wordt ze...

Ik ga morgen brood kopen. Brood koop ik meestal...

Johan heeft veel boeken. Hij houdt van…

Kevin werkt in een restaurant. Hij maakt vandaag...

Victor heeft een nieuw huis. Hij gaat morgen...

Mia maakt zelf kleren. Vandaag maakt ze een...

Tamal moet remmen. Hij ziet een...

Het bord van Sahid is gevallen. Sahid is...

Joel heeft een vieze keuken. Hij moet...

Ik ga naar de huisarts. Hij geeft mij...

Ryan heeft weinig geld. Hij werkt...

Kevin heeft huiswerk. Hij moet veel...

Tanya is bakker. Ze verkoopt...

Thirza wil later in het ziekenhuis werken. Ze moet eerst...

David werkt in een ziekenhuis. Hij is...

Malik gaat vandaag niet sporten. Hij heeft geen...

Xuan is in de supermarkt. Ze wil...

Claire leert Nederlands. Ze vindt Nederlands...

Het is druk in de stad. Er zijn veel...

Ik ga vaak met de bus. Ik ga dan naar...

Ik ga straks naar Hamza. Hij is...

Daniëlle gaat studeren. Ze pakt haar...

Alex is ziek. Hij heeft pijn aan...

Franco gaat verhuizen. Zijn nieuwe huis heeft een...

Tim drinkt graag koffie. Hij drinkt liever koffie dan…

Sonia zit in de bus. Ze gaat naar...

Iedereen is blij. Het is...

Gina kijkt vaak televisie. Ze houdt van programma's over...

Mijn vader heeft een paard. Hij gaat...

Jing maakt de borden schoon. Daarna gaat ze...

Emma wast haar handen. Ze gaat...

Jim heeft haast. Hij moet snel naar...

Hannah maakt haar huis schoon. Ze doet dat...

Julio gaat verhuizen. Hij moet...

Samuel vindt de pauze leuk. Hij gaat dan...

Sophie is vaak in het bos. Ze kijkt graag naar...

Het is warm vandaag. Ana wil...

Chen verkoopt bloemen. Ze doet dat...

Sasha gaat naar de bioscoop. Ze kijkt...

Remi werkt op de markt. Hij verkoopt…

Rahime heeft Nederlandse les. Ze vindt haar docent...

Ana is niet blij met haar huis. Ze vindt haar huis...

Mo en zijn familie spelen een spel. Daarna gaan ze...

Achmed is klaar met school. Hij gaat...

Lizzie en haar moeder gaan met het vliegtuig. Lizzie vindt dat...

Malik heeft een nieuwe bank gekocht. De oude bank was...

Iwan wil gezond zijn. Hij drinkt geen...

Salih is bakker. Hij werkt meestal...

Ik houd van tekenen. Ik teken...

Mohammed maakt auto’s. Dat vindt hij...

Wayan drinkt koffie met zijn buurman. Hij vindt dat...

Sara lacht. Zij is…

Rico krijgt een prik. Hij is...

Caro gaat vaak met de bus naar school. Soms gaat ze...

Peter maakt machines. Hij werkt vaak...

Fanya is op de markt. Ze zoekt...

Martin stelt een vraag aan de docent. De vraag gaat over...

Kris werkt in de tuin. Hij doet dat…

Jafar houdt niet van dansen. Hij vindt dansen...

Melissa wacht op het station. Ze wacht op haar...

Dave werkt in een café. Hij moet daar...

Sara praat met haar buurvrouw. Ze praten over...

Finn kijkt nu televisie. Hij gaat straks...

Anna’s huis is te klein. Ze wil snel...

Shing heeft zijn arm gebroken. Hij mag niet...

Aziz loopt elke dag. Hij loopt naar...

Anisa maakt huiswerk op de computer. Ze doet dat...

Mandy eet vaak chips als ze een film kijkt. Ze eet soms ook...

Veel mensen praten in de les. Nena vindt dat...

Hannah leert Nederlands. Ze leert ook...

Ik heb een nieuwe tafel gekocht. Wil jij mijn oude tafel...?

John houdt van paarden. Hij vindt paarden...

Jim gaat naar het strand. Het is daar...

Ayla eet haar ontbijt snel op. Ze heeft...

Arjun moet elke dag reizen naar zijn werk. Hij werkt in...

John woont bij een bos. Hij gaat daar elk weekend...

Sjaak werkt in een fabriek. Daar werkt hij...

Lin zoekt werk. Ze gaat naar...

Karim leest het weerbericht. Het weer wordt...

Jada maakt pannenkoeken voor haar familie. Zij doet dat...

David heeft een boot. Hij gebruikt de boot om te...

Brian fietst naar zijn werk. Hij gaat liever niet…

Ik eet nooit kip. Dat vind ik...

Sita geeft taart aan haar opa. Hij vindt dat...

Samir is te laat voor de trein. Hij moet nu...

Khalid is visser. Na het werk is hij vaak...

Sarah is nooit ziek. Zij voelt zich altijd...

Jamal woont in een flatgebouw. Hij wil graag...

Maria leest een boek. Ze vindt het...

Yaira werkt bij een apotheek. Ze werkt daar...

Janek heeft koorts. Zijn moeder geeft hem...

Het is donker. Ik reis dan liever niet met...

Noor werkt in een winkel. Ze verkoopt broeken en ook...

Het regent al de hele dag. William wil...

Samuel heeft vandaag les. Hij gaat morgen...

Rico eet vaak snoep. Snoep is slecht voor...

Het is slecht weer. Gaan we met de...?

Esra is ziek. Ze vindt dat...

Laura heeft veel collega's. Ze gaan samen...

Manuel is buschauffeur. Hij rijdt...

Het huis van Tania is heel groot. Haar huis heeft...

Fred gaat naar school. Hij heeft les tot...

Maja maakt soep. De soep is...

Orma heeft leuke buren. Ze gaat met haar buren...

Fatima koopt een fiets. Ze gaat met de fiets naar…

Lucia wil nieuw werk. Ze vindt haar oude werk...

Tony eet brood. Hij eet het brood met...

Stanley wil een groter huis. Hij wil ook...

Felix gaat elke dag zwemmen. Soms gaat hij ook...

Dylan is bij de tandarts. Dat is...

Hassan werkt in een restaurant. Hij leert daar...

Li en Chen gaan iets drinken. Ze drinken...

Mijn broer zingt veel. Hij is...

Harry is gevallen. Hij heeft...

Tara zoekt werk. Ze kijkt in...

Nicole gaat naar de tandarts. Ze heeft pijn aan haar...

Samira heeft pijn aan haar rug. Ze kan niet goed...

Myra en Liz gaan naar een café. Ze willen graag...

Shanna heeft haar diploma. Ze is...

Bart gaat bijna elke dag met de auto. Hij rijdt dan naar...

Noah leest een bericht in de krant. Het bericht gaat over...

Omid leest 's ochtends altijd eerst de krant. Daarna gaat hij...

Rasha werkt op een kantoor. Het kantoor is...

Jasmine gaat naar het ziekenhuis. In het ziekenhuis zijn ___

Het fruit is op. Ik ga nu naar...

Zarina moet de vis eerst schoonmaken. Daarna gaat ze hem...

In de stad rijden veel brommers. Ik vind dat...

Maria heeft griep. Ze moet...

Abdul stuurt zijn familie elke week een e-mail. Hij schrijft dan over...

Ryan wil een film zien. Hij gaat naar...

Het is zondag. Eva gaat op zondag altijd naar...

Jamila maakt kleding. Die kleding is voor...

Paul heeft honger. Zijn moeder geeft hem...

Simon bouwt een huis. Het huis wordt..

Is dat boek leuk? Ik wil het boek ook graag...

Chris heeft een computer. Hij gebruikt de computer om te...

Bilal gaat naar de bioscoop. Hij gaat met zijn...

Ik ga naar mijn zus. Mijn zus woont...

Halil rijdt in een vrachtwagen. Hij vindt dat...

Jara is zwanger. Ze krijgt...

Filiz koopt een nieuwe jas. Ze koopt ook...

Nick wil naar zijn familie. Hij reist met...

David en Maria rijden naar de stad. Ze zoeken...

Monica wil graag een huis met een tuin. Ze vindt dat...

Mevrouw Perez heeft geen auto meer. Nu moet ze...

Mijn zus rijdt altijd hard. Ik vind dat...

Karin kijkt naar het journaal. Ze doet dat...

Stephan moet sporten van de dokter. Hij gaat...

Kun je mij naar het station brengen. Ik moet op tijd...

Mia moet snel naar huis. Ze gaat met de...

Eliza is morgen jarig. Haar vader…

Hannah eet graag vis. Ze haalt die vis...

Johanna doet suiker in haar koffie. Suiker is...

John en zijn dochter bakken samen taart. Ze vinden dat...

Nora en Souffian wonen in een dorp. Ze wonen liever...

Madee heeft een auto. Ze gaat met de auto naar...

Jamal heeft een nieuwe scooter. Hij kan nu...

Het is druk op de weg. Emir vindt dat...

Aaron is schilder. Hij schildert meestal...

Aiden is bij de bakker. Hij wil...

Grace houdt niet van groente. Ze vindt dat...

’s Avonds doe ik mijn ring af. Ik leg mijn ring altijd...

Fico woont ver van zijn werk. Hij moet elke dag...

Jakob zoekt een taxi. Hij wil...

Pedro woont op een boerderij. Hij heeft daar...

Paula heeft een brief gekregen. De brief is van...

Alec gaat naar school. Hij wil graag...

Nadia heeft kip gekocht. Ze gaat de kip eerst...

Rima en haar dochter zijn in de keuken. Haar dochter wil...

Mira heeft zin in koffie. Ze drinkt koffie met...

Inez en Luis bouwen een huis. Het huis heeft nog geen...

Pablo speelt gitaar. Hij oefent...

Saïd is te laat op zijn werk. Zijn baas is...

Hue wil naar de markt. Ze gaat...

Ivan is niet blij met zijn werk. Hij vindt zijn werk te...

Robin loopt snel naar school. Hij is...

Amel sport graag. Sporten is...

Salim snijdt de uien. Zijn vrouw gaat...

Ik lees vaak. Ik lees graag...

Samira heeft een gesprek met haar baas. Ze praten over...

Dina wast haar handen. Haar handen zijn…

Michael houdt niet van tennis. Hij houdt meer van...

Ali kan niet goed lopen. Hij heeft pijn aan zijn...

Christo heeft dorst. Hij drinkt een glas...

Ali werkt in een fabriek. Hij wil...

Ik drink geen alcohol. Ik drink wel graag...

Die sinaasappel is oud. Je moet de sinaasappel..

Selim kan zijn broer niet bellen. Hij stuurt zijn broer een...

Er komen nieuwe huizen in onze buurt. Ik vind dat...

Maria kan goed koken. Ze kookt meestal...

Isabel speelt graag met haar pop. Soms speelt ze ook met...

Ik ben ziek. Ik ga morgen niet...

Saïd heeft vakantie. Hij gaat...

Harold is niet alleen. Hij heeft...

Maryam kookt voor Dina. Maryam maakt...

Karl gaat met zijn dochter naar de dierentuin. Ze kijken naar...

Mijn vader loopt met een stok. Mijn vader is...

Sou eet graag maïs. Ze eet maïs meestal met...

Lei speelt op straat. Dat is...

Michelle maakt huiswerk. Ze vindt het huiswerk...

Gary woont bij het strand. Hij wil het liefst...

Dael heeft veel geld. Hij werkt...

Leon speelt gitaar. Hij doet dat...

Rafael heeft een telefoon. Hij belt elke dag met zijn...

Karima gaat naar de dokter. Ze voelt zich...

Samira gaat naar haar ouders. Ze gaan samen...

In een grote stad wonen veel mensen. Ik vind dat...

De baas van Patrick is boos. Patrick vindt dat...

De man belt in de auto. Dat is...

Tuan zit op school. Hij heeft volgende week...

Abel is op school. Hij heeft...

Aaliyah pakt eerst een kopje koffie. Daarna gaat ze...

Zola maakt het huis schoon. Ze doet dat...

Nick zoekt werk. Hij wil graag werken bij...

Mariam praat met de leraar. Mariam praat ook met haar...

Simone leest graag een krant. Ze koopt hem...

Sven komt uit het ziekenhuis. Hij is...

Claire kijk uit het raam. Ze kijkt naar...

Sasha heeft een hond. Ze heeft ook...

Kay zoekt een nieuw huis. Hij vindt zijn oude huis...

Philippa zit in de tuin. Ze zit ook vaak...

Caro eet vaak appels. Zij houdt ook van…

Nancy en Oscar zitten in de bioscoop. Ze vinden de film...

Kevin zit in de klas. Hij heeft een vraag over...

Yun eet 's ochtends niet veel. Ze eet dan alleen...

Ik eet graag brood. Ik houd niet van...

Pablo gaat vaak met de trein. Hij gaat dan naar...

Lea gaat naar haar kleinzoon. Ze geeft hem...

De koning is op het nieuws. Hij vertelt over...

Anna is bij de dokter. Ze krijgt...

Ik ben op zoek naar het treinstation. Kunt u mij...

Liyen gaat vanavond koken. Ze gaat eerst...

Daniël heeft pijn aan zijn kies. Hij gaat naar...

Tirza koopt een nieuw bed. Ze koopt ook...

Pari gaat elke dag met de bus. Vandaag gaat ze...

Ik ga een taart maken. Wil jij...?

Edgar en Joko koken samen. Ze doen dat...

Barry is geslaagd voor zijn examen. Hij krijgt...

Mijn baas fietst elke dag. Ik doe dat...

Monica maakt graag foto's. Ze maakt het liefst foto's van...

Sophia houdt van rijst. Ze kookt dat...

Frank leest de krant. Hij leest over..

Max draagt een helm op zijn werk. Dat moet van zijn...

Jason gaat graag naar school. Hij kan goed...

Ling wil iets eten. Ze eet liever geen...

De broer van Souad heeft een baby gekregen. Souad is...

Mijn broer houdt niet van varen. Hij wordt altijd ziek op...

De auto van Leah is kapot. Ze brengt de auto naar...

Pascal vindt zijn werk moeilijk. Hij wil...

Dario zit op school. Hij maakt een...

Marco is ziek. Hij belt...

Leon is verkouden. Hij moet...

Sam is vandaag op school. Hij gaat straks naar…

Het eten is heel warm! Je moet...

Mijn trein vertrekt over een half uur. Ik ga nu...

Sari zoekt een cursusboek. Ze gaat naar...

Linn heeft niet goed geslapen. Ze blijft...

Jessie houdt van muziek. Ze speelt graag...

Philip fietst op de weg. De weg is...

Sanne kan niet goed koken. Het eten is...

Vera doet suiker in haar thee. Haar thee wordt zo...

Debra zit op school. Ze maakt veel…

Tara wil een motor kopen. Een motor is...

Arif wacht op de bus. De bus komt...

Quito eet vandaag niet thuis. Hij eet...

Jonas werkt altijd buiten. Dat is...

Chris neemt zijn pillen. Hij heeft pijn in zijn...

William neemt een drankje. Dat helpt tegen...

Hassan maakt zijn brommer. Het wiel is...

Ik heb soep gemaakt. Wil jij mijn soep...?

Esma wil lerares worden. Zij gaat …

Kun je mij een lepel geven? Ik wil...

Pia woont naast een park. Ze gaat daar...

Filip maakt de badkamer schoon. Hij vindt dat...

Dave is niet blij met zijn haar. Zijn haar is...

Mijn opa gaat elke dag wandelen. Dat is...

Savita gaat solliciteren. Ze wil...

Olga is ziek. Ze moet...

Younes heeft veel vrienden. Hij gaat vaak met ze naar...

Jessie moet langer werken vandaag. Ze mag pas om acht uur ___ .

Loes is ziek. Zij gaat vandaag…

Sonya houdt van muziek. Ze luistert...

Wij willen wat leuks doen. We gaan...

Mijn benzine is op. Nu moet ik...

Mijn telefoon is kapot. Nu kan ik niet...

David is dik. Hij eet elke dag...

Alex gaat altijd met de trein. Ik ga graag met...

Johnny is moe. Hij wil...

Wil je mijn huis zien? Ik woon hier...

Mijn auto is kapot. Nu moet ik...

Aaron gaat donderdag op reis. Hij vindt dat...

Het is druk op het station. Er zijn veel...

Ella bakt koekjes. Ze bakt de koekjes voor...

Jack koopt tomaten. Hij koopt ook...

Scott doet een opleiding. Hij vindt leren...

Kenny zoekt op internet. Hij zoekt naar ___ .

Sandra moet vandaag veel doen. Ze moet...

De dochter van Sophia kijkt veel tv. Ze kan beter gaan...

Dafne kan goed zingen. Ze kan ook goed...

Tariq eet alleen. Hij vindt dat...

Carla drinkt een glas water. Ze doet dat...

Stefana vindt wandelen leuk. Ze doet dat...

Christina belt met haar moeder. Ze praten over...

Sabir heeft een nieuwe baan. Hij werkt bij...

Het is koud in het huis van Faiz. Hij wil...

Er ligt rommel op straat. Dat is...

Jan heeft zijn arm gebroken. Hij moet nu...

Ik wil zieke mensen helpen. Ik vind dat...

Jie is op de markt. Hij ziet...

Aaron is dokter. Hij werkt...

Judy leest een tijdschrift. Soms leest ze ook...

Brenda doet een opleiding. Ze moet iedere avond...

Ik heb wortels gekocht. Ik koop de wortels voor...

Louis gaat op de scooter naar zijn werk. Hij doet dat...

Kei eet 's avonds met zijn familie. Dat vindt hij ___

Carlos is vrij. Hij gaat...

De zoon van Samira gaat naar school. Samira vindt dat...

Jim staat voor de school. Hij wacht op…

Mai kijkt niet naar het nieuws. Ze vindt het nieuws...

Hetty is klaar met koken. Ze roept...

Maria leest op zondag de krant. Ze leest soms...

Bob houdt niet van zwemmen. Hij gaat liever...

Leyla slaapt samen met haar zus in een kamer. Zij vinden dat...

Jessy koopt een kaartje. Ze gaat…

Alex wil nieuwe schoenen. Hij gaat naar...

Janine leert Nederlands. Ze praat met de lerares over...

Nikki zoekt een nieuw huis. Ze wil graag...

Ibrahim heeft een kar met spullen. Hij brengt de spullen …

Shun wil niet eten. Hij wil liever...

Mina werkt bij de supermarkt. Ze werkt daar…

Nasir zoekt een nieuw huis. Hij wil een huis met...

Ik heb geen auto. Een auto is...

Er is ingebroken bij Ben. Hij belt naar...

Katya volgt een opleiding. Ze wil ___

In het eten zitten pepers. Ik vind dat...

Han heeft zijn diploma gehaald. Hij gaat nu...

Megan gaat vandaag verhuizen. Ze woont straks...

Josh heeft de hele dag gelopen. Hij wil nu...

Lia wil meer geld voor haar werk. Dan kan ze...

Sasha eet niet altijd thuis. Ze gaat vaak naar...

Dave lust geen koffie. Hij drinkt liever...

Lea is in het ziekenhuis. Ze wil...

De stoel is kapot. Jaimy gaat de stoel...

Wil jij op mijn kinderen passen? Ik ga vanavond...

Omar koopt vis. Hij koopt ook...

Laiqa werkt elke dag buiten. Ze houdt van...

Simon wil leraar worden. Hij moet veel...

Zina kookt met veel kruiden. Zo wordt haar eten...

Carmen eet elke dag een banaan. Soms eet ze ook...

Jack wil de muziek niet horen. Hij vindt de muziek...

Nasira woont bij de supermarkt. Ze woont ook bij...

Mijn opa zit op de bank. Hij kijkt naar...

Max voetbalt graag. Voetballen is…

Paul viert zijn verjaardag. Hij is...

Priya maakt saus. Haar dochters willen...

Hiba houdt van katten . Ze houdt niet van…

Lucia heeft haar been gebroken. Nu kan ze niet...

Peter speelt met zijn zoon. Ze zijn...

De kinderen lezen samen. In het boek staat...

Gabriel maakt een opdracht. Hij doet dat...

Laila moet elke dag vroeg opstaan. Soms is ze...

Ananda is aan het koken. Ze maakt...

De bus is vaak te laat. Paul vindt dat...

De familie Wang woont in een leuke straat. Zij wonen naast...

Sita bakt een taart. Haar kinderen vinden…

Shaila draagt een rugzak naar school. In de rugzak zit...

Mijn buurman maakt graag muziek. Dat vind ik...

Andres werkt op het land. Het werk is...

Isa heeft pauze. Ze belt met haar...

Odara ruimt het huis op. Ze legt de kleren...

Mae heeft een nieuwe auto. Ze kan nu...

Imani vindt school leuk. Zij houdt van...

Marco heeft zin in koffie. Hij wil ook...

Martin eet elke ochtend een ei. Zijn vrouw eet meestal...

Anna wast de paprika. Ze gaat…

Raheem heeft een fijn huis. Hij woont daar met...

Carlos maakt muziek. Hij doet dat...

Steven is in het ziekenhuis. Hij gaat morgen...

Ik heb deze krant gelezen. Wil jij de krant nu..?

Gary leest zijn dochter voor. Lezen is...

Sylvia is kapper. Ze moet vandaag veel...

Adam is aan het koken. Hij maakt...

Een mug heeft mij geprikt. Nu krijg ik...

Masha kan vandaag zitten in de bus. Soms moet ze...

Diego houdt van koken. Hij kookt graag voor...

De trein is vol. Hanna moet...

De les is afgelopen. We willen nu...

Siham volgt een cursus. Ze leert...

Yvonne doet haar spullen in dozen. Zij gaat morgen…

Josh koopt een krant in de winkel. Hij koopt ook...

Dimitri werkt in een garage. Hij maakt...

We gaan mijn broer ophalen. Hij heeft geen...

Miguel stopt met werken. Hij is...

Ahmed brengt zijn zoon naar het vliegveld. Zijn zoon gaat...

Cai werkt met hout. Hij maakt...

Mike heeft pijn aan zijn been. Hij heeft ook pijn aan zijn...

De bus rijdt langzaam. Lia wil...

Ik lees het nieuws op mijn telefoon. Mijn man leest het nieuws...

De les begint om 11 uur. Hetty gaat...

Fausia stapt uit de boot. Ze loopt naar...

Farid is zanger. Hij moet vandaag...

Souad koopt bananen op de markt. Ze koopt ook...

Samuel praat met zijn baas. Hij vraagt...

Sam loopt het lokaal uit. Hij gaat...

Romeo werkt op een school. Hij geeft les aan...

Ik heb een computer met internet. Die gebruik ik...

Scroll to Top